Op bezoek bij de dokter voor PEP
Je hebt risico gelopen met seks en je denkt PEP nodig te hebben om een hiv-infectie te voorkomen. Hoewel er een landelijke richtlijn is voor het verstrekken van PEP kan het in de praktijk nogal verschillen hoe men te werk gaat. Wat komt er op je af als je vraagt om PEP?
Risico inschatten
Gerard Sonder is arts Infectieziekten en vertelt over de werkwijze bij de GGD in Amsterdam: Bij het consult krijg je een aantal standaardvragen voorgelegd. We hebben bijvoorbeeld de gegevens nodig van je ziektekostenverzekeraar. Daarna zal een arts samen met jou een risico-inschatting maken om te zien of PEP gewenst is. Sonder: Hiervoor worden persoonlijke vragen gesteld over de seksuele technieken die je gebruikt hebt. Ook wordt er gevraagd naar de hiv-status van je sekspartner. Als het kan, is het aan te raden je sekspartner mee te nemen naar het consult.
Sekspartner meenemen
De arts probeert in te schatten hoe onveilig het seksuele contact is geweest. Meestal bepaal jij samen met de arts of je PEP neemt. Alleen bij een verwaarloosbaar risico zal de arts geen PEP voorschrijven. We testen je leverfuncties, zodat we later kunnen zien hoe deze reageren op de medicijnen, aldus Sonder. Ook wordt er een hiv-test gedaan om te zien of je al met hiv bent geïnfecteerd. In dat geval is PEP natuurlijk overbodig.
Startset
Na het consult begin je met de kuur, die een maand duurt. Sonder: Je krijgt een startsetje mee en er word je gevraagd om over drie dagen nog eens terug te komen om te kijken hoe het gaat. Ook wordt er een vervolgrecept voor de medicijnen gegeven. Dit gesprek kan vaak ook telefonisch als je dit prettiger vindt. Op dag 14 en 28 worden de leverfuncties weer nagekeken. Na drie en zes maanden doen we nog een hiv-test. Dit om zeker te zijn of PEP heeft gewerkt. Tot slot wordt er met je besproken hoe je herhaling kunt voorkomen.
Klik hier voor links en adressen waar je PEP kunt vragen.

